Een paar weken voor onze vakantie heb ik de vulling van mijn Parkerpen vervangen. Wie schrijft die blijft, zo laat de verkoper weten van de kantoorboekhandel. Hij staat altijd als enige in de winkel. De zaak oogt gedateerd, met beduimelde vloerbedekking. Beetje uitstraling Malle Pietje. Al zolang ik bekend ben met het Asser winkelcentrum, en dat is al dik veertig jaar, is deze zaak hier in hartje centrum. Omdat er meerdere boekenzaken zijn in de Kruisstraat, ga ik voor boeken en leuke kaartjes naar de concullega’s.
Ooit zei Roelof dat hij het leuk vindt om naar deze Christelijke boekenzaak te gaan om voor mijn oom de Flikkeragenda te kopen. Mijn oom wil jaar na jaar deze agenda, vooral ook om de mooie foto’s van blote mannen die er in staan. In die tijd liggen er nog bruine Heugaveld tegels op de vloer bij deze winkel. Het mooist vind ik dat de vrouw achter de kassa verblikt noch verbloost: Heet de agenda écht de Flikkeragenda? Bij elke vraag kleuren Roelof zijn koontjes roder. Wat een grap!
Voor een vulling van mijn lievelingspen kom ik altijd hier. Ik vind het best een sympathieke zaak. Ook als je iets zoekt wat andere boekhandels niet hebben, kan het zijn dat je hier wel slaagt. Als ik er kom ben ik altijd als enige klant in de winkel. De verkoper is van het type Popiejopie. Hij maakt graag een praatje en gooit nogal eens met platte humor. Afijn, nu de vulling mijns inziens veel te vlot leeg is, ga ik met de Parker, die ik hier ook heb gekocht, naar de zaak. Ik moet wachten op mijn beurt. De dame voor mij laat de verkoper weten dat ze laatst op een zaterdag bij de winkel is geweest, die op dat moment is gesloten. Dan heeft u een bijzonder moment getroffen, want dat is voor het eerst in acht jaar geweest dat ik op zaterdag vrij was. De dame gaat naar buiten zonder een voor mij zichtbare buit. Op de drempel komt er een andere mevrouw binnen. Nou ja zeg, wat een klandizie vandaag! De verkoper is meer kortaf dan ik van hem gewend ben. Hij krast met mijn Parker en ziet dat er geen inkt meer uitkomt. Heb je er toevallig veel mee gepuzzeld? Daar kunnen ze namelijk niet goed tegen. Dat is inderdaad een fijne bezigheid in de vakantie, dus ik bevestig zijn vraag. Ik krijg gratis een nieuwe vulling. Dankjewel, wat ontzettend aardig van je. Ondertussen laat hij de nieuwe klant weten haar graag te willen helpen. Als ik me hardop aan hem afvraag, hoe dit eigenlijk wel niet kan, hoor ik ‘m zeggen, terwijl ik tegen zijn rug aankijk: mevrouw, wilt u alstublíeft niet van die vreselijke vragen stellen. Ik weet het ook niet! Zijn toon is van dien aard, dat ik het gezicht van het typetje van Wim de Bie voor me zie, waar hij Frank van Putten speelt. Je weet wel, de tanden op elkaar om zijn frustraties richting moeder te spuien. Misschien is de oorzaak een teveel aan klandizie op de vierkante meter. Natuurlijk, het is aardig dat ik een nieuwe vulling heb gekregen, maar om zo’n toon aan te slaan tegen mij als klant. Als ik over de drempel naar mijn fiets loop, voel ik me geschoffeerd. Geen idee of ik er ooit weer een voet over de drempel zet. Op dit moment ben ik echter niet in staat deze onaardige en ergerlijke toon zonder oordeel te parkeren.
Plaats een reactie