‘Het stel uit Capel’ komt een klein weekje over de vloer. We treffen enkele voorbereidingen. De tafel in ons zitgedeelte gaat weg en de vensterbank wordt ontruimd. De luxaflex opgetrokken. Het liefst staat meneertje hele dagen in de vensterbank om bij elke auto oto te roepen. Wijzend met zijn vingertje. Zelf woont hij aan een parkeerhaven. Dus wel altijd auto’s, maar die staan vooral stil. Nee, rijdende auto’s vindt hij het mooist. En naar elke fietser zwaait hij. Wat is het toch een heerlijk kind. Jammer voor de fietsers, dat ze niet doorhebben dat er naar ze wordt gezwaaid. Dat is een ander verhaal als hij in de wandelwagen zit. Met zijn zwaai lacht hij zijn acht witte tandjes bloot. Mensen ontdooien. Kleine moeite, groot plezier.
Inmiddels staan de planten weer op hun plek. De ontplofte boel op de vloer is, zoals mijn moeder het altijd omschreef: droog spul en is in een handomdraai opgeruimd. Als de kids de stad in gaan om hun aantal huwelijkse voorwaarden te regelen, neem ik een momentje om hem de maat te nemen. Het ligt in de bedoeling dit te doen tot zijn achttiende. Grote kans dat ik er dan een opstapje bij nodig heb. Hopelijk mag ik dat meemaken, want dan loop ik tegen de tachtig!

Het is mooi buitenspeelweer. Gisteren doen we het badje, maar daar is het de dagen ervoor te koud voor. Dus struint Luca door de tuin. Speelgoed is leuk, maar de bloempotten met ouwe restjes water, bruin blad en modder is leuk.
Soms weet je zelf niet meer wat je hebt, zoals drie emaille schaaltjes. Crême met een groen randje. Half roestig, en tussen de schaaltjes zit jarenlang gespaard spinrag. Kniesoor die daarop let. Hij roept steeds: Bal of Bah. Beide zijn favoriet.

Aan zijn haar, zijn gezicht en zijn t-shirt kun je zien dat hij het best naar de zin heeft op deze modderdag. Zo loopt hij steeds naar een kleine ophoging in de tuin en rent dan naar beneden. Zo zie je ook mooi zijn ontwikkeling. Hij valt nu slechts één keertje. De vorige keer wilde hij nog graag aan het handje. Als ik het er even van neem wat onkruid te trekken, pakt hij een bloempotje en doet de bloemetjes die hij uit de tuin plukt in het bloempotje met een handvat. Zonder steel, zoals die ukkies dat doen. Deze trekt hij achter zich aan en loopt naar de bal. Hij geeft een paar goeie schoppen en doorrrr.

Hierna klimt-ie op de stoel. Het is een behendig mannetje. Ik loop maar steeds achter hem aan. Want waar je op klimt, daar kun je ook van af vallen. Zoals je ziet, geen enorm schokkende dingen, maar we hebben ons weer helemaal suf genoten. Tuurlijk, ook van zijn ouders. Vanavond vroeg naar bed.
Zijn vader ziet er uit als een volwassene, maar is eigenlijk een groot kind. Hij heeft zich een taak toegeëigend om alle vliegen hier in huis dood te slaan. Hij is na 68 opgehouden met tellen. Zo’n kind gun je toch een Fanta. Alle 68 en de rest gelijkpotigen zitten inmiddels in de stofzuiger. Straks nog even dweilen om de laatste relikwieën van de vloer te verwijderen. Dénk ik. Nee zeg, heeft schoonzoonlief twee vliegen in één klap vermoord op het raam boven het aanrecht. Lekker dan! Misschien hadden ze net seks. Op onderstaande foto zie je enkel die zwarte dingetjes, maar in de oogjes van die linker vlieg, welke wij in het noorden dus mug noemen, zie ik echt wel een hoogtepunt. Het raam moet dus ook nog even van muggenlijkjes en eventuele spermatozoïden worden ontdaan. Gadver! Maar, laten we wel wezen, wél goed getimed.

Plaats een reactie