Vorige week rond deze tijd wieg ik onze kleinzoon in de armen. Hij is geveld door waterpokken. Het begint met een plekje op de kin en in no time zit het hele rompje onder de bultjes. Je kunt het bijna niet afzien. Fijn in deze tijd is, dat je een foto doorstuurt naar de huisarts. Mag hij wel naar de babydump? Ach, daar heeft hij het, honderd procent duidelijk, ook opgelopen. Vijfde ziekte of waterpokken, wat de benaming ook is, lekker is het niet. Die pokkenbultjes jeuken natuurlijk als de ziekte.
Al op zondag laat ik weten met de telefoon naast mijn bed te gaan slapen. Als ik dan moet oppassen, kan ze me zo bellen. Even na zevenen hoor ik dat het fijn is dat ik kom. Snel in de kleren en hup, de trein in. Assen Centraal tot Rotterdam Alexander in één streep en na dik twee uur zit ik op een OV-fiets. Kat in ’t bakkie. Luca is net toe aan een fles, dus dat wordt mijn eerste klus. Karlijn kan dan thuis aan het werk en de volgende dag naar kantoor. Het flesje wordt in gedeeltes naar binnen geslurpt. Je kunt dan wel waterpokken hebben, er is wel oog voor de omgeving. Zijn koppie mag er dan uitzien of hij een aanval van melaatsheid heeft, zijn oogjes staan blij. Na de fles een schone broek.
De stofwisseling is zowel letterlijk als figuurlijk een feit. Hij heeft buiten de lijntjes van de luier gepoept, waardoor er een schoon rompertje aangetrokken moet worden. Geduld blijkt niet zijn sterkste kant. Misschien heeft hij dat van mij, ik ben er ook niet goed in. Meneer draait zich op z’n buik. Afleiding door hem een speeltje in zijn hand te geven is ook maar van korte duur. Afijn, schoon en wel met volle buik spelen we met een blokkentoren, die hij omgooit. Hij tijgert zich met één opgetrokken knie en beide ellebogen naar de plek waar hij naartoe wil. Vervolgens even op schoot met een boekje en dierengeluiden te maken. Dat wil zeggen, ik maak de geluiden. Hij is nog te klein om het na te doen. De tijdsspanne van concentratie is nog kort. Dan mag hij even in zijn speeltafeltje. Hij kraait van plezier. Hierna nog even in zijn stoel om wat hapjes knijpfruit te eten. Hij vindt het heerlijk! Het is net een vogeltje dat zijn snaveltje wijd open spreidt.
We spelen wat, maken geluidjes en dan laat hij weten moe te zijn. Dat betekent niet, dat je hem zo weg kunt leggen. Het is halszaak om hem in slaap te krijgen door met hem wiegend op de arm te gaan lopen. Vraag me niet precies wat er in dat kleine lijfje gebeurt, maar hij moet vreselijk huilen als hij moe wordt. Of hij pijn voelt, wanhoop of een staat van onaangenaam zijn, hij overstrekt zich, krijst en raakt helemaal overstuur. Echt heel zielig! Zijn kleine knuistjes grijpen waar hij grijpen kan. Mijn nekhaar is de klos en soms grijpt hij naar het loshangende vel van mijn hals. Ik zing zachtjes het hele arsenaal aan kinderliedjes wat ik in me heb en dat is gaandeweg ik meer oppas, best heel wat. Hij wordt het meest rustig van in Den Haag daar woont een graaf. Daar vallen zijn oogjes bij dicht. Nog even wiegen en dan samen met hem op de bank.
Natte meanderende biggeltjes over zijn wangen droog ik zachtjes met een doekje, die altijd wel ergens binnen handbereik ligt. Ik geniet me suf, wat is het toch een schatje. Soms snikt hij nog even na. Mijn losse hand glijdt over mijn gevoelige hals. Wat echter minstens zo gevoelig ligt is, dat ik me net een kalkoen voel…
Ps. De foto is verwijderd. Ik had dan wel een deel van zijn gezicht weggekrast, het schijnt dat de krassen op een donkerbruine manier ongedaan kunnen worden. Dat is niet de bedoeling. Ik vertrouw al mijn lezers volledig, maar op digitaal gebied is er veel schimmigs in de ether…
Plaats een reactie