Loser

Als je het nieuws volgt, kun je ’s morgens wel beginnen met huilen. Het klimaat wat zich ongevraagd buiten de lijntjes begeeft. Oorlog op zowel grote als op familiaire schaal. Als ik gisteravond naar huis fiets, gloeit het oranje gekleurde stadhuis in het kader van femicide nog na in de klep van mijn rugzak, als ik na tienen door de tunnel fiets. Pff, het zál me wat! Ondertussen schakel ik naar 4 en trap zo hard ik kan. Met zweet in de bilnaad bereik ik de Vredeveldseweg. Oké, het is niet zo koud meer. Maar toch…

Ik moet denken aan, dat als ik ’s middags met de fiets bij het werk aankom, er altijd een toefje patiënten op het bankje bij de hoofdingang van de afdeling zitten. Moet jij nou echt nog vanavond over dit duistere terrein naar huis fietsen? Da’s toch niet vertrouwd meid! Je hoort zulke rare dingen tegenwoordig. Zo lief altijd! De vaste voorzitter van het gezelschap lacht besmuikt als ik haar mijn vaste mantra voorleg: Als zo’n jonge vent ziet hoe oud ik ben als-ie me van de fiets heeft getrokken, moet ik ‘m misschien wel reanimeren…

Besmuikt lachen moet ik ook over iets ernstigs van afgelopen week. Of nou ja, soms zou je kunnen lachen als het niet zo vreselijk zou zijn. Zo’n bericht over iemand die is gepakt, omdat hij een aanslag heeft voorbereid voor het songfestival. Je moet er toch werkelijk niet aan denken. Zo’n zaal vol feestende muziekliefhebbers dat door een bom uit elkaar spat. Maar gelukkig heeft Corona hier in 2020 een stokje voor gestoken. De 23-jarige Zweed wacht een gevangenisstraf van zes jaar. Dat heeft toch iets sneus: dan heb je helemaal niks gedaan en draai je toch de bak in.

Het doet me denken aan het gedicht van puntdichter Jan J. Pieterse

Loser

Je kunt wel stellen

dat je er weinig van bakt

Wanneer je als seriemoordenaar

al bij je eerste moord al wordt gepakt

Plaats een reactie