Buurzaam

Vanaf mijn vierkant anderhalf metertje op de ligstoel is het een lawaai van jewelste. We krijgen nieuwe buren. Ik aanschouw ze met, zoals dat zo mooi in kerkelijk jargon heet, met geloken ogen. Er ligt nog een streep wit op de schutting, wat nog niet als sneeuw voor de zon is verdwenen. Het is zegge en schrijve februari 2025. Wie gaat er in de vrede nu een nieuw nest bouwen. Anno nu heeft immers veel onzekerheden in petto voor een grote investering met dit kabinet. Met de nadruk op tering. De regels van vandaag bieden geen garantie voor de toekomst.

Neem nou het voornemen ons huis meer energiezuinig te maken. We laten iemand komen voor een warmtepomp. We moeten aan het zuurstof als we de offerte onder ogen krijgen. Het is inclusief de hele rambam, maar dan nog. En de verhalen over veel gedoe van zo’n ingenieus aangelegde waterpijp liegen er niet om. Vraag me niet naar de hoed en de rand. Allejezus, een dikke elf rooie ruggen mot ’t kosten, met de hoop dat we de ouwe subsidie krijgen met wat creatief boekhouden. Daar zijn we in een eerder stadium met vloerverwarming al eens bedrogen mee uitgekomen. Dat heb je met ons soort mensen, altijd van goeder trouw.

Natuurlijk, een verhuizing geeft altijd veel reuring. Het is maar tijdelijk, daar hoor je ons niet over. Maar zeg nou zelf, nieuwe noabers zijn altijd spannend. Helemaal afgezet tegen vertrouwde ouwe buurtjes, wat al jaren als een jasje past. En dat het kind van buuf hier een nieuw nestje bouwt en hier is opgegroeid als kind aan huis, is zeker een soort van vertrouwd, maar wel met een vrouw, waar we nog een band mee moeten opbouwen. Maar waar het, why nut, zeker goed mee gaat komen.

Een airco dan? Daar willen we ons ook wel in verdiepen. Blijft ook de vraag over: waarom moeten die dingen zo gruwlelijk zijn? Ondertussen schreeuwen de nieuwe buurtjes tegen elkaar dat het een lieve lust is. Ik hou de handen als een scherm boven mijn ogen tegen de felle zon, die in deze tijd van het jaar zo aangenaam verwarmt in mijn anderhalf metertje luwte. Tuurlijk, een verhuizing zonder stress bestaat niet. Maar zóveel gekwetter tegen elkaar in de verder zo stille buitenlucht voelt al snel als burengerucht. En ja hoor, vlak boven het randje sneeuw zit het verliefde stel met hun gelijkgestemde gele truitjes. Ze vliegen af en aan door de open voordeur van hun nieuwe huisje. Ik begrijp dat hun snavelgeschrei gaat over de taakverdeling. Je moet elkaar niet voor de voeten willen lopen. Dat geeft alleen maar ergernis in deze fase. Hun nieuwe pandje mag dan wat scheef hangen, maar onder het mom van: schaaif staait laif, is het toch een lief optrekje.

Terwijl er nog sneeuw op de schutting ligt, hè. Ei, ei, lijkt mij een kwestie van slechte planning. Hoewel er bij de nieuwe buren veel busjes op de oprit hebben gestaan ter voorbereiding op hun nieuwe wonen. Dat zeg ik, klauwen met geld. Ze houden zich warm door het heen en weer te krijgen in hun nieuwe aanvliegroute. Snavel vol takjes en ander bruikbaar nestmateriaal wordt binnengebracht. Het is mogelijk, dat ook deze vreemde vogels goed in energie hebben geïnvesteerd. De zogeheten nieuwe aircoolmeesjes. Het uitvliegen in de lente van het jonge spul gaat ons vast veel kijkplezier opleveren. Hoe dan ook, het nieuwe paar heeft goed ingezet op buitenverlichting…

Plaats een reactie